Deze verschillende lidstaten, waaronder België, hebben de volledige omzetting van de EU-regels in hun nationale wetgeving nog niet gemeld en zijn daarom nu het voorwerp van een inbreukprocedure. Die procedure heeft tot doel hun wetgeving binnen twee maanden in overeenstemming te brengen met de Europese regels. De oorspronkelijke deadline daarvoor was 17 juli 2026.
De bepalingen die moeten worden omgezet, vloeien voort uit Richtlijn (EU) 2024/1711. Die richtlijn wil de Europese elektriciteitsmarkt verbeteren, onder meer door consumenten beter te beschermen en hun deelname aan de energiemarkt te versterken.
Deze maatregel voert een recht op energiedelen in voor huishoudens, kleine ondernemingen en overheidsinstanties die lokaal geproduceerde hernieuwbare elektriciteit met elkaar willen delen. Zo kunnen ook deze doelgroepen, met inbegrip van de meest kwetsbare consumenten, profiteren van hernieuwbare energie en tegelijk hun energiefactuur verlagen. Bovendien zijn ze zo beter bestand tegen schommelingen in de elektriciteitsprijzen.
Naast België zijn ook Estland, Ierland, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Kroatië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Hongarije, Malta, Nederland, Polen, Roemenië, Slovenië, Finland en Zweden betrokken.
In België is energiedelen in verschillende vormen al enkele jaren mogelijk. Belangrijk om te vermelden is dat de Belgische regering, kort na het verstrijken van de deadline van 17 juli 2026, een voorontwerp van wet heeft goedgekeurd om de betrokken richtlijn om te zetten.