Is het uur van LED gekomen?

Sinds begin jaren 2000 maakt de LED-technologie een spectaculaire doorbraak mee in de verlichting. Zodanig dat sommigen zich afvragen of, voor sommige toepassingen, met name in de dienstensector, zij voortaan niet de meest geschikte oplossing zijn. Maar enkele nuances dringen zich op.

Op een recent seminarie georganiseerd door de Openbare Dienst van Wallonië – DGO4 in  samenwerking met de REG-facilitator, werd er een stand van zaken gegeven over de verlichting in kantoorgebouwen. Een razendsnelle evolutie als we de vergelijkende cijfers van de verschillende aanwezige technologieën mogen geloven: gloeilampen, TL, halogeen, HQI, CFL, LED, enz. Volgens het WTCB zijn 75% van de verlichtingsinstallaties (gemiddelde leeftijd 20 jaar) vandaag verouderd. In enkele jaren tijd is het lichtrendement (en dus elektrisch) verkregen door LED gegaan van enkele tientallen lumen per watt naar meer dan 100 lm /W vandaag met vooruitzichten van meer dan 200 lm/W aan het einde van dit decennium. Waardoor er, in vergelijking met de “traditionele” oplossingen, vaak enorm op energie kan worden bespaard maar met een visueel comfort – temperatuur en kleurweergave, … – dat nu gelijk is of zelfs hoger ligt voor goed gedimensioneerde installaties.

Op hetzelfde moment zijn de kosten van de LED-technologie, die oorspronkelijk bijna werd ontmoedigd op grote schaal, enorm gezakt, zeker als we rekening houden met de onderhoudskosten die verbonden zijn aan een veel langere levensduur (in de orde van 50 000 uren) dan de meeste conventionele oplossingen.

En dan rijst meteen de vraag-  die op zich dit seminarie rechtvaardigde – in hoeverre een investering in de systematische vervanging van de traditionele verlichting met LED-technologie voortaan telkens een win-win situatie is? Tenzij het beter is om nog te wachten op aangekondigde aanzienlijke vooruitgang – en niet enkel in termen van rendement! Goede vraag blijkbaar. Want deskundigen zijn er als de kippen bij om een aantal technische elementen aan te kaarten en/of hebben de ervaring om overhaaste beslissingen af te remmen.

 

De grote verschillen tussen fabrikanten

De eerste vaststelling gaat de grote verschillen tussen de verschillende fabrikanten op de markt. Vooral op niveau van rendementen aangegeven in termen van vermogen, maar ook en misschien vooral met betrekking tot het lichtrendement en kleurtemperatuur. Tussen de aangekondigde cijfers en de werkelijke prestaties kunnen de verschillen aanzienlijk zijn. Die kunnen leiden tot grote teleurstellingen met betrekking tot de lichtberekeningen voor offertes. Daarom is het opportuun om een aantal tests en controles uit te voeren die daarom niet noodzakelijk binnen het bereik zijn van een niet-gespecialiseerde intervenant. Vandaar het belang van de nieuwe norm DIS CIE 025 die bijna van kracht is inzake testmethodes van LED lampen, armaturen en LED-modules op de markt.

Naast de lichtbron zelf – de “chip” – is het aangewezen om een reeks van factoren in overweging te nemen: de LED-lamp zelf, de voorschakelapparatuur, optica, het type armatuur … Het zal dit verlichtingssysteem zijn waarvan de prestaties zullen worden gemeten door fotometrie om het visueel comfort te beoordelen. In de meeste situaties zal een eenvoudige vervanging van de lamp niet volstaan om een verlichtingssysteem te moderniseren (“het vervangen van lampen”), maar is het nodig om alle verlichtingsarmaturen te herzien (“relighting” ). Waarom de eindfactuur nog verder aandikken. Om dan nog meer omwegen te maken weg van de investeringen waar fabrikanten van LED-technologie zoveel ruchtbaarheid aan geven.

Ook opgepast met de levensduur en het ontbreken van een vermelding van onderhoud door de fabrikanten. De fameuze 50.000  theoretische uren, opgeëist door de LED’s, gelden niet voor rendement aan 100%. Het rendement zal langzaam verminderen met de tijd afhankelijk van de doorgegeven stroom en de temperatuur in het armatuur: LED is bijzonder gevoelig en geschikt voor goed geventileerde installaties en/of installaties buiten. Men moet ook rekening houden met  mechanische storingen in de verbindingen, defecten van sommige elektronische componenten (met name de besturing), veroudering optica, enz. Het gebrek aan onderhoud is dus minder belangrijk indien men wil een constant lichtrendement wil behouden en dezelfde kwaliteit gedurende de technische levensduur van het systeem.

 

De manier van dimmen

Deskundigen zullen u adviseren om te profiteren van de grote modulatiecapaciteit van LED via een goed beheerd dimmen. Dit laat toe om in de loop der tijd van een in eerste instantie overgedimensioneerde installatie de vermindering van het rendement van de lichtbronnen op te volgen, zonder afbreuk te doen aan visueel comfort. Het dimmen zal ook zorgen voor extra energiebesparing via een aanwezigheidsmelder en/of schemercel afhankelijk van het daglicht.

Met betrekking tot de vraag of de LED-technologieën qua verlichting de meest duurzame formule is, blijven deskundigen voorzichtig. Eraan herinnerend dat de traditionele technologieën niet zijn blijven stilstaan om de LED-trein te zien voorbijrijden. Zij wijzen erop dat in dit stadium, slechts een paar LED-toepassingen zich toespitsen op verlichting in kantoorgebouwen: in de gangen en een aantal kantoren in het bijzonder, in bepaalde externe situaties in de industriële sector en voor de ontwikkeling van openbare gebouwen, enz. Te beginnen met een goed onderbouwde technische studie, becijferd, gedocumenteerd en geproduceerd door creatieve en ervaren professionals.